marcinindonesia


1 Comment

OVER EEN OUD KERKHOF EN EEN MUSEUM ZONDER PERSONEEL

Donderdag 10 november 2016. Iets na 9 uur, wanneer wij Kupang willen ontdekken, komen de chauffeur van gisteren en een man naar ons toe. Zij komen met ons afspreken. De man, een gids komt met ons zijn reisplan voorstellen. De prijs bedraagt 1.500.000 voor de wagen met chauffeur en 600.000 voor de gids. Na onderhandelen brengen wij de prijs terug naar 1.100.000 IRP voor de auto en 500.000 IRP voor de gids. Zij willen absoluut nog vandaag vertrekken, maar dat zien wij niet zitten gezien het late uur. Wij zullen dan morgen naar Soe reizen. Even nog willen zij met ons Kupang verkennen, maar de 500.000 IRP vinden wij wat prijzig en wij zullen alles per bemo (busje) verkennen, wat flink wat goedkoper is. Eerst rijden wij naar Jalan Pahlawan, naar het Nederlandse koloniale kerkhof van Kupang. Voor 6.000 IRP rijden wij erheen en dan wordt het nog eventjes stappen. En ja hoor even verder, zien wij een oude legerbasis waar vroeger het Hollandse fort Concordia was en iets verder ligt langs de zeekant het oude verwaarloosde Nederlandse kerkhof. Hier blijven wij een tijdje ronddolen. De Nederlandse graven dateren van eind achttienhonderd tot uiterlijk in de jaren 1940. Onder een brandende zon verlaten wij het kerkhof om even verder de oude haven van Kupang te bezichtigen. Hier stoppen wij aan een bar op de zeedijk en bestellen een biertje om onze dorst te lessen. Van de oude haven is niet veel te zien en in de zee liggen een drietal schepen van Australiers weet ons het meisje achter de bar te vertellen. Wij nemen nu opnieuw een bemo, maar dan in de andere richting, rijden voorbij het Hotel On The rock en stoppen een eind verder aan de Jalan Palau Indah, om het Museum Negeri Nusa Tenggara Timur te bezoeken. Maar google world heeft het ietwat mis gelokaliseerd met als resultaat nog een flink eind stappen. Maar uiteindelijk vinden wij het wel. Aan het loket zit er niemand en na enkele minuten wachten geef ik er de brui aan en stappen wij het museum binnen. Het is geen hoogvlieger maar best interessant. Wij verlaten het museum zonder iemand te zien (en dus ook niet te betalen) en zetten de terugweg aan naar het hotel, dat waarschijnlijk niet zo ver meer is. Wij nemen enkele straten richting de zee. Eventjes wel tweemaal gestopt aan een lokaal winkeltje om onze vochtbalans ietwat in evenwicht te kunnen houden, want het transpireren levert een kletsnatte T-shirt op en ook af en toe brandende ogen van zweet dat in de ogen loopt. Maar de prognose was juist en wij zien ietwat verder het hotel liggen. Nog even op de kamer gezeten en rond vijf uur naar het zwembad. Ook de lokale jeugd heeft toegang tot het zwembad maar dat belet mij niet om nog even enkele baantjes te zwemmen. Hierna gaan wij even naast de deur, in het restaurant Taman Laut Handayani, met de betere Indonesische keuken en met ook frisse grote biertjes, wat ook een niet onbelangrijk gegeven is. Het is hier best lekker, beter dan gisteren in het hotel. Morgenavond komen wij hier zeker terug. Maar eerst gaan wij op uitstap.

marc

Advertisements