marcinindonesia


2 Comments

VAN FLORES NAAR TIMOR

Woensdag 09 november 2016. Gisteren een dagje Maumere. Na het ontbijtbuffet werd het een voormiddag rond en vooral in het zwembad van het hotel vertoeven. Wij ziin hier alleen. Het water is lauw en leuk is dat je hier niet transpireert, maar anderzijds is de zon hier ook ongenadig met een uv-index van elf. Resultaat is dat ik, niettegenstaande ik zoveel mogelijk de schaduw opzoek, na enige tijd qua kleur op een gekookte kreeft begin te lijken. Insmeren dus en tegen de middag de frisse kamer opzoeken. Hier kan ik nog even informatie over ons volgende reisdoel, West-Timor, opzoeken. Om 16u 30 gaan wij naar de ingang van ons hotel. Hier hebben wij afgesproken met Rino om ons naar het Coconut Beach Resort te voeren. Het wordt eventjes rijden. De locatie is erg mooi gelegen aan de zee, maar afgelegen en duidelijk op strandvakanties gericht. Wij blijven hier dineren. De spijskaart is eerder beperkt, westers gericht en iets duurder dan gemiddeld. Maar het smaakte wel. Intussen is het goed donker geworden en rijden wij terug naar ons hotel.

Deze morgen na het ontbijt hetzelfde ritueel als gisteren: na het ontbijt een verfrissende duik nemen in het zwembad. Daarna onze twee laatste overheerlijke mango’s gegeten, bagage ingepakt, waarbij ik een aantal zaken uit mijn rugzak haal om als handbagage te fungeren, gezien het gewicht per persoon slechts 15 kg mocht bedragen en dan maar wachten tot halfelf, wanneer Rino ons komt halen om ons naar de luchthaven te voeren. Het is maar 10 minuutjes rijden. Aan de balie kunnen wij onmiddellijk inchecken: er is niemand en er zijn drie balies open. Het gezamenlijk gewicht van de bagage bedraagt vijf kilogram te veel, maar dat is geen probleem. Wij krijgen water en een pakje koekjes mee voor onderweg. Het vliegtuig is een half uur te laat en de vlucht duurt een goed halfuur. Wij worden op de luchthaven van Kupang opgewacht door de gratis shuttledienst van het hotel On The Rock en even later komen aan in het hotel. Nu even uitkijken om vervoer naar Soe en none te organiseren. In het hotel hebben ze wel vervoer, maar de chauffeur spreekt geen woord Engels. ’s Avonds om 7 u zal een gids hem vergezellen. Dan maar op internet verder gekeken. Wij zijn intussen ook eventjes te voet naar Lavalon geweest. Hier bedraagt de prijs 1.500.000 voor de wagen en 300.000 voor de gids. Gezien wij zweten als paarden drinken wij hier een biertje en nemen dan een busje terug naar ons hotel. En maar wachten en maar wachten op de chauffeur en de gids die niet komen. Morgen zullen wij de omgeving verkennen en vrijdag gaan wij dan op tocht. Wij willen dan een of meerdere traditionele dorpen zien (None), Oebelo waar ze sasando’s maken en Tarus waar laru, een lokaal likeur gemaakt wordt.

marc